Veel verschillende teelten, klanten zelf groenten en fruit laten plukken en workshops organiseren. Het zijn maar een paar onderdelen van de bijzondere bedrijfsvoering van Franken Fruit in Bergen op Zoom. “Wij zijn altijd redelijk innovatief geweest”, vertelt Caroline Franken. “Mijn opa en mijn vader stopten met een teelt als anderen ermee begonnen. Dan vonden zij het tijd voor iets anders.” Samen met haar moeder Brina, zus Irene en broers Jakko en Paul runt Caroline het familiebedrijf. “Wij hebben allemaal onze eigen taken. Dat is nodig omdat we allemaal een baan hebben naast het bedrijf. En dat maakt het zo leuk.”
De opa van Caroline startte het bedrijf. Zijn zoon Rienus, de vader van Caroline, nam het later over. Het bedrijf teelde van alles: aardbeien, asperges en prei. “Mijn vader was altijd bezig met nieuwe technieken. Zo ontwikkelde hij ongeveer 26 jaar geleden plastic tunnels voor de aspergeteelt. In deze tunnels, 200 meter lang, 10 meter breed en 2 meter hoog, hield een ventilator het plastic omhoog. Over de tunnel zat een net om te voorkomen dat het plastic bij wind kapot zou gaan. Het waren eigenlijk tijdelijke kassen die van februari tot mei stonden. Dankzij deze slimme vondst konden wij de asperges eerder oogsten dan andere telers. En door zwart plastic te gebruiken, teelden wij witte asperges boven de grond. Oogsten gebeurde met een koplampje op een grote riem met accu. In die tijd was nog veel geld te verdienen aan asperges, maar dat veranderde toen er steeds meer telers kwamen.”
Als Rienus in 2012 onverwachts overlijdt, staan zijn vrouw Brina en haar kinderen er alleen voor. Ze besluiten het bedrijf voort te zetten. Caroline: “We hielpen op het bedrijf toen mijn vader er nog was, maar nu moesten we ineens alles doen. We wisten niets van bemesting en hebben alles moeten leren over spuiten. Dat deed mijn vader altijd. Vooral het eerste jaar werkten we intensief samen met Van Iperen (toen nog De Witte Agro). Ze hebben ons goed geholpen na het overlijden van mijn vader.” Inmiddels adviseert Andries Goeree, commercieel technisch specialist fruitteelt bij Van Iperen, het bedrijf over de fruitteelt. Zijn collega, adviseur akkerbouw Ronnie van Maldegem, adviseert over de akkerbouwgewassen. Andries: “Ik geef advies over gewasbeschermingsmiddelen en meststoffen voor de fruitteelt. Voor het klein fruit zoals kersen en pruimen werken we samen met P.G. Kusters. Ronnie houdt zich vooral bezig met de mais en andere groentegewassen.” Daarnaast komt commercieel technisch specialist fruitteelt Martin Tolhoek bij het bedrijf. Caroline: “We willen ons meer verdiepen in fertigeren en daar helpt Martin bij. Dat vind ik een voordeel van de samenwerking met Van Iperen. De medewerkers hebben verschillende specialisaties. Je krijgt altijd de juiste specialist over de vloer of ze regelen intern dat het bij de juiste specialist terecht komt. Ze zijn heel vriendelijk aan de telefoon en denken goed mee. Inmiddels hebben we zelf ook veel kennis. Ik had een hele steile leercurve omdat we ineens alles in het bedrijf moesten regelen. We hebben veel aan de adviezen van Van Iperen. Ik bewaar altijd de WhatsApp-berichten. Als ik me afvraag of ik een uitvloeier moet toevoegen bij een gewasbeschermingsmiddel, scroll ik even terug in de geschiedenis en heb ik het antwoord.”
Inspelen op veranderingen staat nog steeds centraal bij Franken Fruit. “We hebben altijd appelbomen gehad en verkochten de appels aan huis. Net als pruimen, suikermais en pompoenen. Op een gegeven moment werd het zo druk dat we tegen klanten zeiden: ‘Ga zelf maar even plukken’. We merkten dat ze dat leuk vonden en daarom laten we klanten nog steeds zelf plukken.” Mensen de vruchten zelf laten plukken en direct verkopen, levert bovendien een financieel voordeel op voor Franken. “Hier verkopen we pruimen voor ongeveer drie euro per kilo. Bij veiling The Greenery krijgen we misschien 91 cent. En de veiling keurt wel eens producten af waarvan wij zeker weten dat ze goed zijn. Dan krijg je discussies die we nu niet hebben. Alles wat we niet verkopen, verwerken we in stropen, sappen, jams en chutneys. Deze verkopen we in onze winkel waar iedereen welkom is.”
Voor Van Iperen is Franken Fruit geen standaardbedrijf. Andries: “Je ziet dat veel bedrijven kiezen voor schaalvergroting en specialisatie. Daarentegen zie je ook verbreding en daar is dit bedrijf een extreem voorbeeld van.” Caroline: “Het is een bewuste keuze om niet voor schaalvergroting te gaan. Dat past niet bij ons. Alleen heel veel appels telen en mensen inhuren die alles regelen, geeft ons geen voldoening. Wij doen veel in samenwerking met scholen. Educatie vind ik belangrijk. Zo laten we peuters in contact komen met kippen en kuikens of mogen ze frambozen proeven. Daarnaast organiseren we familiefeesten en workshops. Bij de workshop oogsten de deelnemers eerst de ingrediënten en gaan dan koken.” Een andere reden om het bedrijf niet te vergroten, is dat Caroline, Irene, Jakko en Paul allemaal een goede baan hebben. “Dankzij de combinatie van ons bedrijf en onze banen hebben wij het beste van twee werelden.” Binnen het bedrijf heeft ieder familielid een eigen taak. “Ik ben verantwoordelijk voor het verzorgen van de boomgaarden. Als ik voor mijn werk naar het buitenland ga, regel ik dat iemand anders dat doet. Jakko regelt het grove veldwerk, rijdt compost uit en bouwt alles. Hij is de technische man. Mijn zusje doet de communicatie, administratie en regelt het personeel. Paul houdt de website bij en ontwerpt de folders, etiketten en visitekaartjes. Mijn moeder organiseert kookworkshops en doet de catering bij feestjes.”
Bij Franken Fruit is veel aandacht voor duurzaamheid. “We gebruiken zoveel mogelijk compost. Mijn broer heeft een compoststrooier ontwikkeld voor onder de bomen. Op de schuren komen zonnepanelen. Met de energie daarvan willen we de pompen laten draaien. Omdat we alles verkopen of verwerken op het bedrijf, hebben we geen transport nodig. Verder gaan we met fertigatie aan de slag.” De kippen op het bedrijf spelen een belangrijke rol bij milieuvriendelijke ongediertebestrijding. “Als eerste Nederlandse bedrijf hadden wij de kersenvlieg, een dubieuze eer”, lacht Caroline. “Aangezien de larven van de kersenvlieg overwinteren in de grond, kun je de druk verlagen door kippen rond te laten scharrelen zodat ze de larven kunnen opeten. Klanten vinden de kippen gezellig en ze hebben voor ons een functie. ”
Caroline ziet het bedrijf in de toekomst niet groter worden. “Wel willen we meer aan educatie doen. Het is soms ongelofelijk hoe weinig mensen weten over eten. De meeste herkennen andijvie niet als het niet in een plastic zak zit. Daarentegen hebben we veel klanten uit andere culturen die veel kennis hebben. Zo plukken mensen uit andere culturen veel melde, brandnetel, wilde postelein en papegaaienkruid. Wij leren veel over de werking van bepaalde producten. Thee van het blad van kweeperen zou helpen tegen bronchitis en thee van maisharen is goed voor de urinewegen. Je kunt zelfs thee maken van kersensteeltjes. We vinden het leuk dat hier alle culturen komen. Daar willen we meer mee doen, bijvoorbeeld de ene week Turkse mensen iets met onze producten laten bereiden en de andere week een andere cultuur. Zo leren we van elkaar, want het is belangrijk dat mensen meer weten over hun voedsel.”