Vorig jaar werd Van Iperen benaderd door gewasbeschermingsmiddelenleverancier Nufarm met de vraag of zij mee wilden doen met een early adopters programma ‘elektrisch loofdoden’. Hoewel dat niet meteen past binnen de bedrijfsvoering van Van Iperen, heeft het bedrijf wel meteen ‘ja’ gezegd. “We zien dit als een concurrerend en duurzaam alternatief voor chemie” licht Jaap Bijl toe, akkerbouwadviseur en projectleider van het programma.
Jaap: “Voor de uitvoering kwamen we bij Arjo Klok van Dick Klok Cultuurtechniek in Heenvliet uit. Zij hebben een akkerbouwbedrijf in de Zegenpolder bij Rhoon, waar zij natuurinclusief telen. Elektrisch loofdoden past daar naadloos bij.” Het bedrijf van Klok in Heenvliet heeft drie onderdelen: cultuurtechniek en industrieel terreinonderhoud zijn de twee grootste . Sinds 2017 is daar een akkerbouwbedrijf bij gekomen. Arjo: “De provincie nodigde bedrijven uit voor een experiment in de Zegenpolder in Rhoon, een gebied van 75 hectare, met de opdracht om daar natuurinclusief te gaan telen. En dat paste helemaal bij ons.”
“Inmiddels zijn we vijf jaar verder en een flinke dosis ervaring rijker,” vertelt Arjo. “Makkelijk is het zeker niet. Tegelijkertijd weten we dat we niet op de oude voet verder kunnen. Het altijd maar blijven corrigeren met chemie is eindig; dat houdt de bodem niet vol. De natuur is heel veerkrachtig, maar dan moeten we niet alleen maar halen, maar ook terug willen geven. Dat doen wij door een ruim bouwplan te hanteren met maximaal 20 procent rooigewassen, het gebruik van vaste mest en compost, geen insecticiden en zo min mogelijk middelen te gebruiken. Natuurinclusief is anders dan biologisch. Als het om onkruidbestrijding gaat, kiezen wij bijvoorbeeld eerder voor één keer spuiten dan voor drie keer schoffelen. Dat doen we met het oog op de broedvogels. Die overleven de spuit wel, maar de schoffel beslist niet.”
Sinds Klok in de Zegenpolder actief is, is ook de relatie met Van Iperen geïntensiveerd. “Voorheen bestond dat uit de afname van wat graszaad en kunstmest voor de sportvelden. Nu is Van Iperen als teeltadviseur nadrukkelijk betrokken bij de verschillende teelten.” Jaap: “De Zegenpolder is een heel interessant experiment. Er staat veel te gebeuren in de agrarische sector. Verduurzaming staat hoog op de agenda. Dat vraagt een andere manier van denken, gericht op de toekomst.”
Afgelopen seizoen heeft Klok ervaring opgedaan met de NuCrop. “Deze machine is in staat om door middel van elektriciteit het loof te doden. Voor op de trekker wordt geleidende vloeistof over het gewas gespoten; dat zorgt ervoor dat de stroom beter in de plant wordt opgenomen en erdoor wordt geleidt. De generator achter de trekker zorgt voor de opwekking van de stroom. Met geleiders brengen we de stroom in het loof. Dat is heel effectief: binnen enkele uren is er al effect te zien.” De NuCrop vraagt flink wat vermogen. Op dit moment gaat dat om 140 kw bij een breedte van twaalf meter. Arjo: “De ontwikkelingen staan niet stil. De eerste versie vroeg 200 kw bij een breedte van drie meter. Daarin zijn dus al flinke stappen gemaakt. Het heeft beslist potentie, maar het moet nog verder ontwikkeld worden.”
Jaap: “Groot voordeel van elektrisch loofdoden zien we vooral in de pootaardappelen en delicatesse aardappelen. Daar is maatsortering uitermate belangrijk. Aardappelen zijn met de nieuwe techniek eerder los van het loof dan met chemie. Dat zorgt voor een betere sortering.” Arjo: “Dat betekent ook dat je eerder kunt rooien. En iedere dag dat het eerder binnen is, neemt het risico op een mindere oogst af. Natuurlijk heb je wel te maken met het weer: is het te nat, dan kun je met de loofdoder niet het land op.”
“Nadeel van elektrisch loofdoden is dat je vaker het land over moet. De veldspuit is dertig meter breed, dit apparaat twaalf meter. Dat zorgt dus voor meer rijsporen. Daarnaast kost het op te wekken vermogen flink wat diesel. Op dit moment kost een liter diesel 1 euro meer dan in 2020. Als je 20 liter per uur gebruikt, dan lopen de kosten flink op. En daar komt de CO2 uitstoot nog bij.”
“Onderzoek heeft aangetoond dat er geen schadelijke effecten zijn op het bodemleven. Groot voordeel is dat je geen chemische middelen meer hoeft te gebruiken en er dus ook geen sprake meer is van residu. De geleide vloeistof die wij gebruiken, is volkomen onschuldig.”
Jaap: “Het middelenpakket wordt steeds smaller. Hoe het met de loofdodingsmiddelen zal gaan, weten we nog niet. Sommige akkerbouwers vragen zich af of je met dit soort ontwikkelingen de regelgeving vanuit Brussel niet versneld. Dat is misschien wel zo, maar als die regelgeving komt, moet je wel een alternatief hebben. Als je op dat moment nog iets moet gaan bedenken en ontwikkelen, ben je te laat.” Het is de bedoeling dat Klok er komend seizoen in de praktijk mee aan de slag gaat. “Voorlopig alleen in de loofdoding. Wellicht dat we het apparaat in de toekomst ook in kunnen zetten voor onkruidbestrijding. En dat maakt die ontwikkeling nog een stuk interessanter.”