In dit teeltadvies behandelen we kiemremming in uien, fungiciden in wortel, schimmel- en insectenbestrijding in knolselderij, bladschimmels in suikerbiet, vertering van stoppels en gewasresten en doorwas en kiemremming in aardappel.
Verschillende uienpercelen zullen de komende tijd toe zijn aan een bespuiting met MH voor de kiemremming. Voor een goed resultaat van deze bespuiting is het belangrijk om vooraf te bepalen of het gewas aan de bespuiting toe is. Daarnaast zijn de weersomstandigheden voor een geslaagde MH-bespuiting ook cruciaal.
Bij uien moet 15% van het bolgewicht uit bladloze rokken bestaan. Dit is te meten door van 10 planten de uien door te snijden en het gewicht van de bladloze rokken te wegen ten opzichte van het totale bolgewicht. Wanneer dit percentage lager is dan 15%, dan is de kans op voze uien in de bewaring te groot. Een andere indicatie voor het goede spuitmoment van MH is als 10 – 30% van de uien gestreken zijn. Wanneer dit het geval is, zal de bol-nek verhouding van 1:3 ook ongeveer bereikt zijn. Na de bespuiting met MH moet het gewas nog minimaal 2 weken groen blijven om de werkzame stof goed in de bol te krijgen. Spuit daarom op tijd, en niet op een te ver versleten gewas.
Als het gewas toe is aan de bespuiting, kan deze worden uitgevoerd met Crown MH 8,30 ltr/ha of Royal MH 3,75 kg/ha. Voor een goede verdeling en opname in het uienloof is het belangrijk om een hulpstof toe te voegen aan deze bespuiting. Hiervoor kan gebruik gemaakt worden van Codacide 1,50 ltr/ha of Designer 0,35 ltr/ha. Het beste is om deze bespuiting in de avond uit te voeren met veel water. Wat verder belangrijk is, is dat het na de bespuiting minimaal 10 uur niet mag regenen voor een goed spuitresultaat.
In wortelen kunnen verschillende schimmelaantastingen voor schade zorgen in het gewas. Vanaf het moment dat de kopjes van de wortelen boven de grond uit steken, is het belangrijk om het gewas goed te beschermen. Stem het gebruik van fungiciden vooraf af met uw afnemer. Verschillende afnemers hebben een aantal werkzame stoffen die ze in het eindproduct niet terug willen vinden. Het is raadzaam dit vooraf kort te sluiten, dan achteraf hierover discussie te moeten voeren. Het beste is om de fungicidebespuiting in wortelen te beginnen met signum 0,75 kg/ha + designer 0,25 ltr/ha. Ongeveer 3 weken na de eerste bespuiting kan dan een bespuiting worden uitgevoerd met rudis 0,40 ltr/ha.
Voor een goed stevig en vitaal loofpakket kan aan de fungicidebespuiting Stimuplant Multimix 5,00 ltr/ha + Powerleaf Zwavel 3,50 ltr/ha worden toegevoegd. Wanneer de wortelen de bewaring in moeten, en met de klembandrooier worden gerooid, kan de stevigheid van het loof en de bewaarkwaliteit worden bevorderd door Powerleaf Borium 0,50 ltr/ha + Stimuforce Siligreen 0,50 lti/ha toe te voegen aan de fungicidebespuiting.
Deze meststof bevat silicium in de vorm van mono-siliciumzuur (Si(OH)4) of kiezelzuur. Dit is een vorm die gemakkelijk opneembaar is voor een plant. Door de unieke samenstelling is Stimucrop Siligreen stabiel en goed opneembaar door zowel de wortels als het blad. Hierdoor kan Siligreen toegevoegd worden aan irrigatiewater of aan de spuitoplossing.
Toepasbaar als bladbespuiting in combinatie met gewasbescherming
Breder werkingsmechanisme dan (traditionele) siliciumproducten
Bevordert opname van met name calcium en borium
Versterkt celwanden van het gewas en creëert een harder gewas
In wortelen kan wortelvlieg ook voor behoorlijke schade aan het gewas zorgen. Wanneer de druk van wortelvlieg in het perceel te hoog wordt, kan het beste een bespuiting worden uitgevoerd met Benevia 0,75 ltr/ha + Designer 0,25 ltr/ha. Een andere mogelijkheid is om een bespuiting uit te voeren met Coragen 175 ml/ha + Designer 0,25 ltr/ha.
In knolselderij kunnen verschillende schimmels voor aantasting van het loof zorgen. Hiervoor kunnen verschillende fungiciden gespoten worden. U kunt de volgende producten gebruiken: Score 0,40 ltr/ha of Luna Sensation 0,50 ltr/ha of Dagonis 1,00 ltr/ha. Overleg deze bespuiting ook met uw afnemer om discussie over residuen te voorkomen. Spuit, afhankelijk van de weersomstandigheden, om de 2-3 weken om het gewas goed gezond te houden. Wissel hierbij zoveel mogelijk de verschillende werkzame stoffen af voor een zo goed mogelijke bescherming.
Ter voorkoming van hartrot in de knollen kan aan de fungicidebespuiting AMX-Ca 2,00 ltr/ha + Powerleaf Borium 1,00 ltr/ha worden toegevoegd.
Wanneer wantsen in de knolselderij aanwezig zijn, kan hiertegen gespoten worden met Karate Zeon 50 ml/ha + Zipper 0,10 ltr/ha. Gebruik hiervoor veel water en voer deze bespuiting ’s morgens vroeg uit om de wantsen zoveel als mogelijk te raken.
Product
Powerleaf Borium is geschikt voor toepassing als bladmeststof. Zoals alle sporenelementen heeft ook borium een belangrijke rol binnen de plant of boom. Zo is het betrokken bij celstrekking en –deling, voornamelijk ook in de wortels. Ook bevordering van de knopvorming en bloemkwaliteit zijn belangrijke eigenschappen van borium. Aanvoer van borium zorgt tevens voor een verhoogde calciumopname, waardoor tevens een verhoogde weerstand van het gewas tegen ziekten en plagen wordt verkregen.
Zacht voor gewas
Stimuleert de calciumopname en fosfaatopname
Verbetering van knopvorming en bloemkwaliteit
Te combineren met fungicidebespuiting
In verschillende percelen suikerbieten komt roest en/of cercospora voor. Wanneer de eerste aantasting in het perceel wordt waargenomen, is het advies om te beginnen met de bladschimmel bespuitingen. De beste middelen om mee te beginnen zijn Propulse 1,20 ltr/ha of Diadem 1,00 ltr/ha.
Voor een goede vitaliteit van het gewas is het verstandig om bij het spuiten van de fungiciden nog een bladmeststof toe te voegen. Uit proeven over meerdere jaren zien we goede resultaten op het gebied van plantvitaliteit wanneer aan de bespuiting Powerleaf Koper-Zwavel 2,50 ltr/ha wordt toegevoegd.
Na de oogst van granen blijft veel organisch materiaal achter op het land in de vorm van stro en stoppels. In sommige gevallen komt het voor dat stoppels of stroresten op een later moment weer onverteerd boven geploegd worden. Dit duidt erop dat het bodemleven onvoldoende in staat is geweest om dit organisch materiaal af te breken.
Wanneer stro en stoppels wel effectief worden afgebroken, zal het bodemleven aanzienlijk beter zijn. Daarnaast is er in dat geval ook meer mineralisatie van voedingsstoffen en zal de bodemstructuur verbeteren.
Een belangrijke factor bij het afbreken van organisch materiaal is de verhouding tussen koolstof en stikstof (C/N-ratio). Bij een hoge hoeveelheid koolstof in organisch materiaal, wordt dit moeilijker door het bodemleven verwerkt. Een extra stikstofgift kan helpen om de C/N-ratio gunstiger te krijgen en daarmee de vertering de bespoedigen.
De laatste jaren is de stikstofnorm steeds krapper geworden. Dit komt onder andere door NV-gebieden en de strengere eisen voor groenbemesters om hier extra stikstofruimte voor te krijgen. Het is hierdoor steeds lastiger om ruimte te vinden om het bodemleven met extra stikstof te stimuleren om organisch materiaal te verteren.
Zodra de tarwestoppels in de bodem worden verwerkt, begint het afbraakproces. Allereerst lossen oplosbare stoffen zoals suikers, aminozuren en mineralen op in het bodemwater en worden direct beschikbaar voor micro-organismen. Vervolgens koloniseren bacteriën en schimmels de stoppels, waarbij schimmels vooral lignine en cellulose afbreken, terwijl bacteriën zich richten op eenvoudigere verbindingen. Hierbij produceren micro-organismen enzymen die complexe organische verbindingen omzetten in eenvoudigere moleculen. Als laatste vindt de mineralisatie plaats, waarbij voedingsstoffen zoals koolstofdioxide, water, nitraten en fosfaten vrijkomen en door planten kunnen worden opgenomen.
Om de afbraak van tarwestoppels te versnellen, kan Microferm worden toegepast. Microferm is een product op basis van Effectieve Micro-Organismen die complexe organische stoffen afbreken. Door deze biologische activiteit wordt organisch materiaal sneller omgezet in humus en essentiële voedingsstoffen, waardoor het volgende gewas hier sneller van profiteert. Bovendien draagt Microferm bij aan een evenwichtig bodemleven, wat resulteert in een gezondere bodem waarin ziekteverwekkers minder kans krijgen. De afbraakprocessen bevorderen de nutriëntenkringloop, waarbij stikstof en andere essentiële elementen beter beschikbaar komen.
Voor een effectieve afbraak van tarwestoppels wordt Microferm op verschillende manieren toegepast:
In combinatie met drijfmest kan Microferm 20,00 ltr/ha worden toegevoegd aan de mest, of na het mest rijden met de veldspuit worden verspoten. Wanneer de Microferm met de veldspuit wordt toegepast is het belangrijk om dit te doen met minimaal 400 ltr/ha water en met een grove druppel. Wanneer niet met drijfmest wordt gewerkt kan de afbraak van organische stof worden gestimuleerd door Microferm 20,00 ltr/ha te spuiten met de veldspuit. Om de micro-organismen snel te laten starten kan hier dan rietsuikermelasse 10,00 ltr/ha aan worden toegevoegd.
De timing voor een goed geslaagde MH-bespuiting is elk jaar lastig, maar dit jaar vraagt het bepalen van het juiste spuitmoment nog meer aandacht. Qua gewas is het belangrijk dat de knollen voldoende groot zijn. Wanneer de bespuiting wordt uitgevoerd op een gewas met te kleine knollen, zullen de kleinere knollen na de bespuiting onvoldoende door ontwikkelen. Knollen onder de 35 mm groeien na de MH-bespuiting niet meer verder. Rooi daarom voor het bepalen van het juiste moment altijd een aantal planten op om te controleren of het gewas qua maatsortering aan de bespuiting toe is. Op dit moment is in sommige percelen ook doorwas te vinden. Dit is voornamelijk veroorzaakt door het warme weer van de afgelopen weken. In een aardappelperceel waar doorwas aanwezig is, is dit bovengronds vaak ook te herkennen aan het feit dat planten die doorwas ontwikkelen ook opnieuw gaan bloeien. Controleer de percelen ook op het aanwezig zijn van doorwas. Wanneer doorwas aanwezig is, kan dit gestopt worden door een MH-bespuiting. Op dat moment is de aanwezigheid van doorwas meer leidend dan de maatsortering onder het gewas.
Voor een geslaagde bespuiting is het belangrijk dat het middel goed in de planten wordt opgenomen, en richting de knollen wordt verdeeld. Voor een goede opname moet de bespuiting op een vitaal en groeiend gewas uitgevoerd worden. Bij een luchtvochtigheid onder de 70% en temperaturen boven de 25 ⁰C zal de opname van MH onvoldoende zijn.
Na de bespuiting met MH moet een gewas nog 3-5 weken groen blijven om de werkzame stof goed richting de knol te transporteren. Wanneer een gewas door de schrale omstandigheden van de afgelopen tijd al ver afgetakeld is, en de verwachting is dat het geen drie weken meer groen zal staan, is het beter om geen MH-bespuiting uit te voeren, dan de bespuiting uit te voeren bij slechte omstandigheden waarbij het resultaat tegen zal vallen.
Wanneer het gewas eraan toe is en de omstandigheden gunstig zijn, spuit dan de aardappelen met Crown MH 11,00 ltr/ha of Royal MH 5,00 kg/ha. Voer deze bespuiting uit met veel water op een moment dat er minimaal 10 uur geen neerslag valt. Combineer deze bespuiting niet met andere bespuitingen, om zo de opname van de MH zo optimaal mogelijk te laten zijn.