Samenwerken aan een bemestingsstrategie voor gras en mais
“Aan het eind van het jaar verkoop ik nog gras. Wij hebben altijd over, en de kwaliteit is goed.” Voor melkveehouder Arie Blom uit De Glind is het bijna vanzelfsprekend geworden. Achttien jaar geleden begon hij samen met dealer Wim van Maanen uit Barneveld en Van Iperen aan proeven met vloeibare meststoffen. Inmiddels is er veel veranderd. “De ruimte met nutriënten wordt steeds krapper”, zegt Gerard Postma, specialist ruwvoer bij Van Iperen. “Tegelijk moet de grasplant het hele seizoen door blijven leveren.”
De ruimte om te bemesten neemt jaar op jaar af. Minder drijfmest, minder stikstof, minder speelruimte. Voor melkveehouders in een NV-gebied, zoals dat van Arie Blom, komt daar nog een korting van 20 procent op stikstof bovenop. Postma: “Vroeger had je veel ruimte in drijfmest en stikstof. Stikstof nam in eerste instantie heel veel rollen over. Nu die ruimte er niet meer is, moeten we andere wegen bewandelen. Met andere elementen kun je vergelijkbare resultaten boeken.”
Het uitgangspunt is een vitale plant. Een gewas dat goed in zijn vel zit, groeit langer door, is minder gevoelig voor schimmels en heeft minder gewasbescherming nodig. “Voelt die plant zich vitaal, dan hebben we geen last van schimmels”, zegt Postma. “En dat heeft enorm veel profijt voor de koeien.”
Alle rechten voorbehouden. Niets uit dit bericht mag worden verveelvoudigd, opgeslagen in een geautomatiseerd gegevensbestand en/of openbaar gemaakt in enige vorm of op welke wijze dan ook zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de uitgever.